Stil zat hij in de ruimte, niet wetend waar hij was of waarom hij er was, hij wist enkel dat hij droomde. De intense stilte omringde en doordrong hem. Ineens hoorde hij zijn naam.
‘Rensco …’ Het galmde vanuit de gang het lokaal in. Het licht flikkerde en viel uit. Een onverwachte golf van kou doordrong hem en de angst sloeg hem om het hart. Hij prentte zichzelf nog eens in dat het slechts een nare droom was.
‘Rens…co …’ Zong de onbekende stem.
‘H-hallo?’ Riep hij terug. Voorzichtig stond hij op en liep naar de deurloze deurpost. Hij keek om de hoen naar de donkere gang.
‘Kom …’ Klonk het. Voorzichtig zette hij één voet in de gang. Even gebeurde er niks, dus zette hij ook zijn andere voet in de gang en deed hij een paar stappen in de gang. Plots sloot iets zich om zijn enkel dat hem onderuit haalde en hem het duister in trok.
Rensco werd nooit meer wakker.