In haar hoofd waren de schreeuwende stemmen van de ruzie nog duidelijk te horen, als iemand zou luisteren. In haar kamer was het donker in en het raamkozijn zat een vage schaduw van wat ze ooit was. De kille herfstwind woei door haar kamer, die dingen liet omvallen door de kracht ervan en liet haar tranen drogen op haar wangen. Alles wat ze hoorde waren de stemmen van een uur geleden en alles wat ze voelde was een opkomende storm. Dit kon zo niet doorgaan. Haar blik gleed van de donkere wolken naar haar gebroken deur. Toen haar ouders haar de trap op waren gevolgd, was ze zo boos geworden dat ze een barst in de deur had geslagen. Een druppel viel op haar slappe hand en bracht haar terug naar het heden.
I’m starring at a broken door
There’s nothing left here anymore
My room is cold
It’s making me insane
I’ve been waiting here so long
But now the moment seems to’ve come
I see the dark clouds coming up again
Ze werd gek. Ze moest weg, hier en nu. Zo ver als mogelijk was. Ze zou niks achterlaten, ze had lang geleden al vaarwel gezecht tegen aardse gevoelens van gebondenheid. Niks betekende nog iets voor haar. Ze moest gaan om bij iemand te zijn met wie ze nooit kon zijn.
Omdat hij buiten bereik lag.
Running through the monsoon
Beyond the world
To the end of time
Where the rain won’t hurt
Fighting the storm
Into the blue
And when I lose myself
I’ll think of you
Together we’ll be running somewhere new
Through the monsoon
Just me and you
Een halve maan speelde verstoppertje met de donkere wolken en verduisterde haar kamer nog meer. Ze keek naast zich en zag, zelfs in de duisternis van haar kamer, twee donkere, zwartomrande ogen staarde terug van een van de vele posters op haar muur. Ze keek een tijdje naar hem en, zonder het te weten, staarde hij terug naar haar. Ze moest hem vinden, hem zien, naar hem kijken en met hem praten. Alleen. Om hem te vertellen dat ze voor hem zou sterven. Maar wat zou dat uitmaken? Hij zou haar een handtekening en een psycholoog geven. Uit het niets, weerklonk zijn naam, in haar donkere stille wereld. Ze keek naar buiten en toen terug in haar kamer, alsof ze zocht naar de bron van de plotselinge stem. Waarom was deze zwarte wereld zoveel wreder dan haar eigen donkere wereld in haar hoofd? Waarom kon deze wereld niet net zo rustig en vredig zijn?
A half moon’s fading from my sight
I see your vision in its light
But now it’s gone and left me so alone
I know I have to find you now
Can hear your name
I don’t know how
Why can’t we make this darkness feel like home
De regen begon harder te vallen op haar koude huid, ze keek naar de druppel op haar hand en voelde hoe de regen harder en gemener op de huid van haar gezicht, armen, handen en voeten landde. Als kleine doorns. Ze zuchtte, wat deed ze hier nog, ze moest gaan, gaan naar een plek waar het stil was en waar de regen geen pijn deed aan haar koude en gevoelige huid. Ze keek verlangend naar buiten, naar het deel van de wereld dat ze, vanuit haar raam, kon zien en dwong haar lichaam om de pijn, het verdriet, de woede en alle andere emoties uit te bannen en op een meters hoge berg te gooien. De wereld om haar heen leek onrealistisch en ver weg vanachter de muur die ze had gebouwd uit pijn, verdriet, verlangen, machteloosheid en woede. Alle plezier en blijdschap had ze weggestopt, want ze waren nutteloos voor haar.
Behalve wanneer hij bij haar was.
En dat was hij niet.
Running through the monsoon
Beyond the world
Till the end of time
Where the rain won't hurt
Fighting the storm
Into the blue
And when I loose myself I think of you
Together we'll be running somewhere new
And nothing can hold me back from you
Through the monsoon
Hij zou nooit komen en hij was er nooit geweest, behalve achter de muren en in haar dromen. Daar was hij er, alleen voor haar, daar zong hij, alleen voor haar. En ook al was hij er nooit voor haar of was hij met haar, ze had nog steeds een onsterfelijk verlangen naar hem. Van achter haar muur voelde ze de regen en vocht nog harder om het uit te bannen. Ze zou naar hem toe gaan, ook al was het ver en ook al wist ze niet waar hij was. Dagen en nachten zou het duren om bij hem te zijn, om hem te zien, om hem te spreken. Alleen. Om hem te vertellen hoe geweldig zijn teksten waren en hoe schitterend zijn stem. Ergens voelde ze dat het niet meer lang zou duren voor dat moment daar was.
Hey! Hey!
I'm fightin all its power
Comin' in my way
Let it take me straight to you
I'll be running night and day
I'll be with you soon, just me and you
We'll be there soon, so soon,
Haar gevoelens vertelde haar dat ze hem nooit zou ontmoeten als ze hier zou blijven zitten, ze moest nu op zichzelf gaan handelen. Geen ouders voor support en hulp, dat nooit kwam wanneer het nodig was. Geen vrienden, van wie niemand haar echt kende. Niemand, want achter haar muur, was er ook niemand. Alleen twee. Weer keek ze naar de donkere ogen, de zwarte make-up en het zwarte, wilde haar. Ze kon bijna haar vingers door dat haar laten gaan. Het zou zacht zijn als zijde en het zou alleen van haar zijn. En hij zou het toelaten. Alleen bij haar zou hij het toelaten. Hij zou het de wereld vertellen, de wereld vertellen dat ze met hem was en alleen met hem, maar dan moest ze gaan.
Nu.
Alleen.
Runnin through the monsoon
Beyond the world
To the end of time
Where the rain won't hurt
Fighting the storm
Into the blue
And when I lose myself
I'll think of you
De trap was geen optie, ze zouden dat horen. Ze keek naar de bovenkant van de markies onder haar raam, misschien zou het haar houden en kon ze onder haar raam door naar de regenpijp naast het grote raam van de woonkamer.
Together we'll be running somewhere new
and nothing can hold me back from you
through the monsoon
Ze keek voor de laatste keer naar binnen, naar haar kamer, het enige dat ze zou missen, voor een seconde staarde ze in de donkere ogen van de poster, die dood in de eeuwige niets staarde.
Though the monsoon
Just me and you
“Ik houd van je.”
Through the monsoon
Just me and you
En toen was ze weg.