Di­ni entico dac Intrecko
Where to go ...  
  Home
  Updates
  Laat je mening horen
  Nieuwsbrief
  A 2010 Fairytale
  Amnesia
  => Proloog
  => Hoofdstuk 1
  => Hoofdstuk 2
  => Hoofdstuk 3
  => Hoofdstuk 4
  => Hoofdstuk 5
  => Hoofdstuk 6
  => Hoofdstuk 7
  => Hoofdstuk 8
  => Hoofdstuk 9
  => Hoofdstuk 10
  => Hoofdstuk 11
  => Hoofdstuk 12
  => Hoofdstuk 13
  => Hoofdstuk 14
  => Hoofdstuk 15
  => Hoofdstuk 16
  => Hoofdstuk 17
  => Hoofdstuk 18
  => Hoofdstuk 19
  => Hoofdstuk 20
  => Epiloog
  The Kiddnap-recover
  Septembers Storm
  Spring Nicht, Flieg
  Rest
  Short Stories
  Gedichten
© Lupe Sjiler
Sinds de laatste keer dat de counter weer op nul sprong (XD), gingen 23618 Besucher (50845 Hits) je voor, op weg naar mijn oneindige wereld van fantasie!
Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 2
De ontmoeting 


    Twee dagen later, was het hele voorval vergeten en was enkel nog het geweldige concert blijven hangen in het hoofd van Siënne. Ze was inmiddels weer terug in Venlo en waste haar bord af, gooide de overgebleven lasagne weg en ging opzoek naar haar jas zodat ze de hond van de buurvrouw kon uitlaten. Ook al was ze een student, eigenlijk woonde Siënne helemaal niet in een studentenflat, maar gewoon in een flatgebouwtje dat er stond om mensen met een laag inkomen toch nog onderdak te verschaffen. Het was niet veel, ze had een slaapkamer, een studeerkamer, een badkamer, een wc, een keuken/woonkamercombinatie en een gang die alles met elkaar verbond en tevens toegang bood tot de voordeur. Het was niet bepaald een studentenwoning en daar was ze blij om.
    Siënne deed een verpleegstersstudie en bij deze studie mocht ze eigenlijk in het ziekenhuis—of bij het ziekenhuis—wonen, maar dit had ze afgeslagen, ze was toch al van plan om op zichzelf te gaan wonen, dus waarom een tijdelijk onderkomen zoeken, als het ook een onderkomen kan worden waar je in kan blijven wonen.
    ‘Goedenavond, mevrouw Versteegh. Is Jackie klaar?’ Een hyperactieve hond kwam op haar afspringen terwijl zijn riem achter hem aan sleepte. Behendig wist Siënne de riem te pakken en liep ze de galerij af na dag te hebben gezwaaid naar mevrouw Versteegh.
    Het was lekker weer, niet te warm, niet te koud, al was het voor een zomerdag in midden juli best koud. Siënne vervloekte het Nederlandse weer terwijl ze keek hoe Jackie zijn behoefte deed op een grasveldje. Ineens hoorde ze van haar rechterkant een kreun. Verschrikt keek Siënne naar het bosje, verwachtend dat een of andere geile zwerver uit het bosje zou springen. Maar dit gebeurde niet, dit klonk overigens niet als een kreun van genot, maar van pijn. ‘Af, Jackie!’ Siste Siënne boos tegen de hond, die aan de lijn trok ten teken dat hij verder wilde. Haar nieuwsgierigheid won het van haar angst voor zwervers en voorzichtig liep ze naar de struik toe. Ze ging op haar hurken zitten en zag een jongen liggen.
    ‘Oh my God!’ Siënne snakte naar adem. De jongen kreunde weer. ‘Wat is er met jou gebeurt?!’ Piepte Siënne vreemd.
    ‘Wah—’ Begon de jongen en hij probeerde zijn hoofd op te tillen, wat duidelijk niet lukte. Als ze zijn gezicht nou maar zou kunnen zien, dan zou ze misschien kunnen zien of hij gewoon dronken was of dat er écht iets aan de hand was.
    ‘Hé, kom eens hier.’ Zei Siënne alsof ze het tegen een schuchtere pup had. Er kwam geen reactie. Siënne pakte het dichtstbijzijnde lichaamsdeel, wat een been was, en begon de jongen naar zich toe te trekken. De jongen kreunde en begon te spartelen, ‘doe rustig! Ik wil je helpen!’ De jongen verstond haar niet, begreep haar niet of wilde gewoon niet luisteren. Uiteindelijk kon Siënne een arm pakken en draaide ze de jongen om. Ze gilde. Zijn zwarte haar was oneven geknipt en op sommige plekken was zijn schedel te zien, iemand was heel agressief geworden met een schaar in de handen. Zijn gezicht zat onder de zwarte plekken, die Siënne niet kon thuis brengen met slechts het licht van de lantarenpaal die vier meter verderop vreemde schaduwen wierp op het gezicht van de mishandelde jongen, want één ding was zeker, dit had hij niet zelf gedaan. ‘Kom mee, we gaan naar h-auf.’ Siënne had “huis” willen zeggen maar op dat moment had Jackie een pijnlijke rug aan zijn riem gegeven. Ze trok vinnig terug en ze probeerde op te staan. ‘Kan je staan?’ De jongen mompelde iets dat ze niet verstond en probeerde zijn benen te strekken, maar hij kon ze niet eens fatsoenlijk onder zijn lichaam vouwen. Siënne beet even op haar lip, de jongen was ongetwijfeld té zwaar om te tillen. ‘We gaan het samen doen, oké?’ Ze sloeg zijn arm om haar schouders en zo tilde ze hem overeind, zoals ze twee dagen eerder ook dat meisje overeind had weten te houden. ‘Oké, dat is gelukt, nu gaan we lopen.’ En langzaam, stapje voor stapje, kwamen ze vooruit. Jackie had duidelijk begrepen dat er met de vreemde jongen aan de hand was, want hij was gestopt met trekken en keek nu vragend omhoog naar Siënne. “Wat heeft hij?” vroegen zijn ogen.
    Ten langen leste waren ze eindelijk in de lift van het flatgebouw beland. ‘Eindelijk.’ Zuchtte Siënne, die jongen was zwaar! Ze stapte de lift uit en liep naar het zevende huis op de galerij.
    ‘Oh, daar ben je eindelijk kind, ik vroeg me al af waar je bleef.’
    ‘Ik kwam een vriend tegen.’ En Siënne keek even snel naar de jongen, die tussen bewusteloosheid en bijzijn in zweefde.
    ‘Wat is er met hem gebeurd?’
    ‘Uhm, dronken.’ Mompelde Siënne, ‘ik ga hem een bed verschaffen, goedenavond.’ Melde Siënne nog en ze liep naar het achtste huis op de galerij. ‘Kan je even op jezelf staan?’ Vroeg ze tegen de jongen, die niet reageerde. Siënne vatte dat op als een “nee” en ze begon haar sleutel bos uit haar zak te halen. Waarom heb ik zoveel sleutels! Ik gebruik er twee, ik heb er twaalf! Dacht Siënne ineens bij zichzelf, terwijl ze snel de sleutels telde. Met behulp van de jongens arm, haar mond en creatief gebruik van een deurknop, wist Siënne de juiste sleutel te vinden en propte hem in het slot. Gelukkig zat er “slecht” zeventien meter tussen de voordeur en de dichtstbijzijnde bank, maar uiteindelijk kon ze de jongen voorzichtig op de bank neerleggen. Ze strekte haar rug even en boog zich over de jongen heen, ze zwarte plekken waren nog steeds niet duidelijk, maar er was nu een zwarte streep op zijn gezicht verschenen. Voorzichtig raakte Siënne de streep aan en besefte dat het vochtig was. Bloed. Snel stond ze op en knipte het grote licht aan. Ze draaide zich om en snakte naar adem. Heel het gezicht was blauw en vies, bloed en modder had zich vermengd tot een gruwelijk papje en zat over zijn hele gezicht. Zijn haar zag er nu nog enger dan dat het eruit zag toen het donker was. Grote stukken schedel waren zichtbaar en soms was er zelfs half ín zijn schedel geknipt. ‘De verbanddoos.’ Mompelde ze tegen zichzelf en ze stormde weg om uit de keuken de EHBO-doos en een washandje te pakken. Ze vulde een schaal met lauwwarm water en liep met alles terug naar de bank waar de jongen nog net zo lag als ze hem had achtergelaten. ‘Ga eens wat rechter zitten?’ En ze wurmde haar hand onder de schouder waar de jongen op lag en duwde hem zachtjes tegen zijn schouder. Samen wisten ze de jongen overeind te krijgen. Hij legde zijn achterhoofd tegen de rugleuning van de bank en ging wat onderuitgezakt zitten. Hij knipperde een paar keer met zijn ogen en ving Siënne’s blik. Even verwijdde zijn ogen, maar toen hij de bezorgde blik in haar ogen zag, ontspande hij zich weer een beetje.
    ‘Weah … weah …’ Begon hij te mompelen.
    ‘Were?’ Vroeg Siënne
    De jongen schudde zijn hoofd. ‘Wer,’ herhaalde hij weer en nu herkende Siënne de vreemde “r” klank achterin zijn keel die neigde naar een “a.”
    ‘Oh God, hij ’s Duits.’ Mompelde Siënne luchtig. ‘Ich gehe uhm … deine gezicht … poetsen.’ Pruttelde ze, het was al laat, de dag was voor haar vroeg begonnen en ze kon haar Duitse woordenschat op deze tijd van de dag niet meer aan de praat krijgen. Ze deed het washandje op haar hand en depte zachtjes op zijn gezicht. Hij schokte steeds als ze een wondje aanraakte, maar hij leerde zich in te houden en voorzichtig wist Siënne het bloed weg te vegen en werd een lelijke scheur in zijn wenkbrauw zichtbaar, met nog een op zijn wang, die doorliep tot zijn oor. Ook zijn lip was kapot en gezwollen, net als zijn oog. Siënne opende de EHBO-doos en haalde er een pleister uit en nog wat andere plakkertjes, waarmee ze de lange snee kon dichtmaken. Zijn lip moest zo maar helen en voor de wenkbrauw moesten ze maar gaan duimen en hopen dat het niet een al te groot litteken werd. Waarom ze de jongen niet naar het ziekenhuis bracht, wist ze niet, misschien was ze te trots. Ze was immers al bijna afgestudeerd. Trouwens, in het ziekenhuis zouden ze weinig meer doen, misschien alleen die wenkbrauw hechten, maar als de jongen zich zou inhouden, zou het netjes helen.
    Toen zijn lip was verzorgd begon ze aan zijn nek, die even vies en even blauw zag, gelukkig zaten er hier geen sneeën. Weer maakte ze zachtjes zijn hals en nek schoon. Toen ze aan de achterkant van zijn nek kwam en de enige korte haartjes op zijn hoofd optilde, werd een tatoeage zichtbaar, die Siënne niet alleen naar adem liet happen, maar ook van de bank deed springen en geschokt naar de jongen doen kijken.

Contact  
  Mensen die met in contact willen komen, iets willen vragen of gewoon een babbelje willen maken. Vragen hoeft niet meer, stuur met maar gewoon een mailtje of voeg me toe op MSN

Lupe.Sjiler@hotmail.com

 
Het lettertype  
  voor zij die enorm veel last hebben van het kleine lettertype dat mijn site leuk vind te gebruiken: druk op ctrl en dan scrol je naar beneden dan wordt--als het goed is--het lettertype groter, zo niet, moet je de andere kant op scrollen.  
Mijn verhalen  
  A 2010 Fairytale;
Amnesia (TH);
The Kiddnap-recover (TH);
Septembers Storm
Spring Nicht, Flieg (TH);

Verhalen die staan onder het kopje "Rest":

The Guardian (TH);
The Name of Love (TH)
 
Mijn Short Stories/korte verhalen  
  9/11;
Cry Wolf, Cry;
Donkere Nacht
Duister Bos;
Fly Away (TH);
Hoog Sammie, Kijk Omhoog;
Lonely Snow (TH);
My Brother (TH);
My Lullaby;
My Lullaby (En);
Op Het Podium;
De Stem;
Tequila & Coconut;
The Wall;
The Wall (En);
 
Codes en credits  
  Ik gebruik soms bepaalde codes:

En = Engels
Ne = Nederlands
TH = Tokio Hotel

Ook schrijf ik vaak verhalen waar ik andermans werken in gebruik, zoals liedjes of quotes.
Deze schrijf ik op aan het einde van het vehraal, of bij het overzicht (zoals bij de Short Stories)
 
This website was created for free with Own-Free-Website.com. Would you also like to have your own website?
Sign up for free